ADO Den Haag terug in eredivisie, een reconstructie van zomer naar nu
In dit artikel:
ADO Den Haag keerde op dinsdag 17 maart terug in de eredivisie, na vijf jaar afwezigheid. Wat voorafging was een onverwachte ommekeer: na een teleurstellend seizoen en uitschakeling door Telstar trad trainer Darije Kalezic terug en ontstond er een zomer van onduidelijkheid. Technisch manager Joris Mathijsen wilde John van den Brom aantrekken, maar een eigenaar met andere voorkeuren zorgde voor interne strijd; Mathijsen vertrok, assistent Levi Schwiebe leidde kort de voorbereiding en drie dagen later werd de 38-jarige Duitser Robin Peter aangesteld.
Met een smalle selectie maar op een fundament van spelers die door Mathijsen waren geworven, groeide er langzaam stabiliteit onder de nieuwe leiding. Wotte, de opvolger als technisch directeur, koos bewust voor rust, transparantie richting supporters en gerichte versterkingen in de breedte (onder anderen Jesse Bal, Mylian Jimenez, Mees Kreekels en Nigel Thomas). Die aanpak, gecombineerd met Peters kalme, fouterkende stijl, legde de basis voor het succes.
Sportief brak ADO vroeg uit met een overtuigende 5-1 zege op Willem II en een lange serie overwinningen (twaalf op rij), met Juho Kilo en Jari Vlak als opvallende smaakmakers. De ploeg pakte twee periodetitels in de eerste seizoenshelft. Rond de winter stagneerde het even — vier nederlagen op rij — maar een daaropvolgende reeks uitoverwinningen uit Brabant en Limburg stelde de verhoudingen weer veilig. Een nederlaag tegen Almere City vergrootte uiteindelijk de weg naar promotie niet af; in Den Haag kon het feest in maart worden gevierd.
Aanvoerder Daryl van Mieghem vatte het treffend samen: promotie in maart had hij zelf afgelopen zomer niet verwacht. De combinatie van organisatorische rust, slimme aankopen en Peters spelvisie veranderde een onzekere start in een klein Haags voetbalwonder.