André moest op 9/11 vluchten na instorten WTC in New York: 'We zijn gaan meerennen met de rest'
In dit artikel:
De Leidse André Hengeveld was op 11 september 2001 in New York voor een leiderschapscursus van zijn werkgever TMP Worldwide. Hij verbleef met internationale collega’s in het Embassy Suites Hotel in Manhattan, vlak bij het World Trade Center. Vanuit de cursuszaal hoorden zij rond 8.45 uur dat een vliegtuig de noordelijke toren had geraakt. Eerst dachten ze aan een ongeluk, maar na de inslag van het tweede toestel werd duidelijk dat het om een aanslag ging.
Hengeveld ging via de trap naar zijn kamer op de vijftiende verdieping, pakte zijn paspoort, ticket en telefoon en keerde terug naar de lobby. Daar voelde hij het hotel hevig trillen toen de zuidelijke toren instortte. Samen met collega’s vluchtte hij de straat op, tussen rook, stof en een grote mensenmassa. De groep liep langs de Hudson-rivier weg van het WTC, zonder te weten waarheen.
Het hotel bleef grotendeels overeind, maar raakte zwaar vervuild door stof, roet en giftige stoffen. Alle achtergebleven bezittingen van gasten, waaronder Hengevelds spullen en foto’s van de cursus, werden vernietigd. De hulpdiensten gebruikten het hotel tijdelijk als uitvalsbasis voor de reddingsoperatie.
Via medewerkers, Franse collega’s en de Franse ambassade wist de groep onderdak en een telefoon te vinden. Omdat alle vluchten waren stilgelegd, zaten de acht collega’s bijna een week vast in New York. Uiteindelijk reden ze met een huurauto naar Canada, vanwaar ze naar Europa konden terugvliegen. Hengeveld zegt geen trauma aan de gebeurtenis te hebben overgehouden, mede doordat de groep elkaar steun bood. Bij zijn aankomst in Nederland, waar familie en vrienden hem op Schiphol opwachtten, kwamen zijn emoties alsnog los. Vijfentwintig jaar later blijven vooral de beelden van de trillende liften, de vluchtende menigte en zijn wachtende familie hem bij.
Vandaag Inside: Shelly Sterk blikt vooruit op eerste grand prix in Madrid en voorspelt: 'Max Verstappen gaat winnen!'