Dierenpartij vecht limiet van 10 demonstranten aan: 'Ongestoord winkelen is geen grondrecht'
In dit artikel:
De Haagse Partij voor de Dieren (PvdD) sleept burgemeester Jan van Zanen voor de rechter omdat hij in 2024 bij een protest tegen kangoeroeleer in voetbalschoenen het aantal deelnemers op tien stelde, terwijl de partij met twintig mensen wilde demonstreren. Het geplande protest zou in september 2024 plaatsvinden bij Decathlon en Intersport in de Grote Marktstraat in Den Haag.
De gemeente beroept zich op het lokale demonstratiebeleid, waarin in overleg met de politie een standaardaantal van tien demonstranten is vastgelegd, met het argument dat de Grote Marktstraat een calamiteitenroute en OV-knooppunt is waar publieksstromen samenkomen. De bezwaarcommissie van de gemeente oordeelde eerder dat de burgemeester niet heeft aangetoond waarom de beperking nodig was. Tijdens de zitting kon de gemeentelijke advocaat geen cijfers of stukken overleggen ter onderbouwing van de maatregel.
De PvdD betoogt dat demonstratierechten volgens Europese regels en de Wet openbare manifestaties (WOM) voorrang hebben en dat wensen van demonstranten over vorm en omvang leidend moeten zijn; bovendien stelde de partij dat winkelen geen grondrecht is. De gemeente wees erop dat openbare evenementen (zoals een shopping night met 125.000 bezoekers) niet hetzelfde zijn als demonstraties: die worden door professionele partijen georganiseerd en krijgen een apart veiligheidsbeeld van de politie, en demonstraties kunnen tegenreacties oproepen.
De rechter liet weten over anderhalve maand uitspraak te doen.