Doe-het-zelfzaak verdwijnt na 132 jaar: jongeren klussen steeds minder
In dit artikel:
In het centrum van Alphen aan den Rijn verdwijnt na 132 jaar een vertrouwde kluswinkel: Provak Van Beijeren sluit definitief omdat het klantenbestand is geslonken en opvolging ontbreekt. Eigenaar Alfred Pos (63), wiens familiebedrijf ooit als smederij begon in Boskoop, moest twee jaar eerder al een andere zaak sluiten; nu is ook de Alphense vestiging niet meer houdbaar. Pos ziet hoe jongeren steeds minder vaak zelf gereedschap hebben en klussen — ze bestellen gericht online of gaan naar grote bouwmarkten en komen soms alleen voor een paar ontbrekende schroefjes nog naar een speciaalzaak.
De sluiting illustreert een bredere zorg: het vak vergrijst en er is te weinig jonge instroom. Brancheorganisatie VLOK, vertegenwoordigd door directeur Dennis Kosten, waarschuwt dat tekort aan vakmensen problematisch is voor de bouw- en klusbranche. Kosten vindt dat de maatschappelijke waardering voor ambachtelijk werk moet terugkeren en wijst erop dat technisch vakmanschap ook financieel perspectief biedt; een loodgieter kan bijvoorbeeld meer verdienen dan een advocaat.
Tegelijkertijd tonen onderwijsgegevens een genuanceerder beeld. De SBB meldt dat de mbo-richting Technische installaties en systemen landelijk populair is en dat de BBL-aanmeldingen voor technische opleidingen de afgelopen vijf jaar zijn toegenomen. mboRijnland noteert zelfs 16 procent meer aanmeldingen voor techniekopleidingen ten opzichte van vorig jaar, met sterke groei bij timmeren, werktuigkunde en elektrotechniek.
Op lokaal niveau zijn er voorbeelden van jongeren en jonge ondernemers die het ambacht wél omarmen. De bijna 16‑jarige vrijwilliger Dean Martens houdt van klussen en neemt deel aan de Alphense huttenbouw; zijn vader leerde hem veel praktische vaardigheden. Tim Bossen (29) heeft een druk, zelfstandig klusbedrijf gespecialiseerd in ruw timmerwerk en ervaart juist profijt van de schaarste aan vakmensen: hij heeft altijd werk. Beide tonen dat interesse in handwerk aanwezig blijft, al is die niet altijd wijdverbreid.
Pos maakt zich zorgen over de toekomst van gespecialiseerde winkels in kleinere dorpen, die volgens hem vergelijkbaar onder druk staan als de groenteboer en slager. VLOK blijft echter optimistisch over het bestaan van een markt voor speciaalzaken, mits ze kunnen concurreren met grote bouwmarkten. De kernvraag blijft hoe onderwijs, werkgevers en ouders jongeren kunnen enthousiasmeren voor technisch vakmanschap en hoe kleine ondernemers hun plek kunnen behouden in een veranderende markt.