Gloednieuw dorp te duur en er was te weinig tijd: 'Adviezen in de wind geslagen'
In dit artikel:
In de Zuidplaspolder, het laagste punt van Nederland, botst de gemeente Zuidplas met het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard (HHSK) over de plannen voor het nieuwe dorp Cortelande. Het conflict draait om waterveiligheid: het hoogheemraadschap eiste aanvullende waterhuishoudkundige onderzoeken (onder meer naar vloerpeil en grond- en oppervlaktewaterstanden) voordat duizenden woningen kunnen worden gerealiseerd. De gemeente heeft die adviezen niet opgevolgd en het bestemmingsplan vastgesteld zonder de voorgestelde aanvullende onderzoeken en zonder voldoende voorschriften voor de waterhuishouding. HHSK vreest dat later gestelde eisen dan juridisch niet afdwingbaar zijn en stapte daarom in 2024 naar de Raad van State om het plan te laten vernietigen.
De meningsverschillen hebben meerdere oorzaken. Zuidplas wilde de ontwikkeling versnellen: om voorkeursrechten op grond te kunnen vestigen moest er in mei 2024 een bestemmingsplan liggen, en de gemeente nam in 2021 het project grotendeels zelf ter hand omdat samenwerking met buurgemeenten te langzaam verliep. Tijdgebrek en kostenoverwegingen speelden mee; hogere vloerpeilen en extra maatregelen die HHSK wil, zouden de bouwkosten fors opvoeren. Inmiddels blijken de uitgaven voor Cortelande ruim 145 miljoen euro boven de oorspronkelijke miljard-begroting uit te komen, zonder dat de extra watermaatregelen daarin zijn verwerkt. Dat vergroot de druk om de plannen financieel haalbaar te houden — mogelijk door meer woningen te bouwen — en verklaart mede waarom Zuidplas terughoudend was met striktere eisen.
Juridische publicaties en documenten over en weer tonen ook spanningen over overleg: beide partijen verwijten elkaar gebrek aan afstemming rond het formuleren en openbaar maken van voorwaarden. Omroep West maakte op basis van WOO-verzoeken stukken deels openbaar en constateerde dat in beide dossiers redacties voorkomen. HHSK stelt dat er ambtelijke afstemming heeft plaatsgevonden; de gemeente betwist dat.
Begin 2025 bemiddelde minister Mona Keijzer, waarna gesprekken werden hervat. In februari bereikten partijen een voorlopig akkoord, mede dankzij een bijdrage van de rijksoverheid van circa 210 miljoen euro om veilig bouwen mogelijk te maken. HHSK is bereid de rechtszaak in te trekken als alle afspraken door alle betrokken bestuursorganen worden goedgekeurd; dat besluit moest nog politiek worden bevestigd. Als de overeenkomsten worden bekrachtigd is ondertekening gepland op 8 juli en kan de ontwikkeling weer doorstarten; vanwege eerdere vertragingen wordt de feitelijke bouw nu niet vóór 2028 verwacht.