Heeft visser zeedraken gezien? 'Alles wat hij wist over zee, zette hij op papier'

zondag, 18 januari 2026 (14:03) - Omroep West

In dit artikel:

In 1578 legde Adriaen Coenen (1514-1587), een visgroothandelaar uit Scheveningen, zijn kennis en fascinatie voor de zee vast in het 822 pagina’s tellende Visboeck. Niet geschreven door een academicus maar door iemand die dagelijks met vis werkte, bevat het handschrift zowel praktische informatie over soorten als persoonlijke observaties, mythes en uitgebreide tekeningen. Coenen besteedde drie à vier jaar aan het boek; hij had eerder al een exemplaar aan Willem van Oranje gegeven (rond 1574). Het bewaarde exemplaar is het enige dat van zijn Visboecken is overgebleven en maakt deel uit van de collectie van de KB, nationale bibliotheek in Den Haag.

Het Visboeck fungeert niet alleen als soort vissengids: het beschrijft vanuit lokale ervaring alles wat in en rondom de zee leeft, van haring (de economische hoofdrolspeler voor Nederland) tot walvissen, dolfijnen en volkeren als de Inuit. Coenen mengt betrouwbare waarnemingen met verhalen over exotische of mythische wezens — cyclopen, eenhoorns, zeemeerminnen en zeedraken — en geeft aan welke dieren hij zelf heeft gezien en welke hij alleen kende uit verhalen of boeken. Conservator Jeroen Vandommele noemt het werk een unieke combinatie van wetenschap en folklore en benadrukt ook de artistieke waarde: de tekeningen zijn gedetailleerd en karaktervol, ondanks dat Coenen geen professionele tekenaar was.

Naast culturele en kunsthistorische waarde is het Visboeck voor onderzoekers interessant omdat het ook vroegsignaleringen bevat van afname van vis in de Noordzee — een voorlopige waarschuwing voor ecologische veranderingen die nu weer actueel zijn. Het originele manuscript is te kwetsbaar voor regulier inzien, maar de KB heeft het gedigitaliseerd en als topstuk online beschikbaar gesteld.

De aandacht voor het Visboeck gebeurde tijdens een rondleiding van Omroep West in het magazijn van de KB. Die instelling, opgericht in 1798, bouwde een collectie op van ruim 4,4 miljoen werken (120,5 km opslagruimte) en groeit met ongeveer tien meter per week; vanwege die groei is een nieuw magazijn gepland voor 2029.