Huizenmarkt-hysterie lijkt eraf, verkoopprijzen dalen harder dan voorgaande jaren

donderdag, 16 april 2026 (10:32) - Omroep West

In dit artikel:

De huizenmarkt koelt af: in het eerste kwartaal daalden de verkoopprijzen van bestaande woningen sterker dan gebruikelijk. Waar de prijsdaling in voorgaande jaren in Q1 gemiddeld rond 1,2% lag ten opzichte van het voorgaande kwartaal, noteerde makelaarsvereniging NVM dit jaar een daling van 2,7%. Tegelijkertijd ligt de gemiddelde verkoopprijs op 485.000 euro, ongeveer 10.000 euro hoger dan een jaar eerder. In totaal wisselden in januari, februari en maart circa 34.600 huizen van eigenaar.

De afkoeling vertaalt zich ook in minder transacties: het aantal verkochte woningen is bijna een derde lager dan in de laatste maanden van vorig jaar. Redenen die NVM aanwijst zijn onder meer uitgestelde verkoop en bezichtigingen door winterse omstandigheden, hogere hypotheekrentes en een afgenomen consumentenvertrouwen door internationale spanningen. Daarnaast speelt de samenstelling van het verkochte aanbod een rol: als er relatief minder grote en dure huizen worden verkocht, drukt dat het gemiddelde.

Regionaal verschillen de ontwikkelingen. Enkele voorbeelden uit de door NVM gepubliceerde cijfers: Delft en Westland zagen een lichte prijsstijging van 0,5% (gemiddeld 528.259 euro), terwijl gebieden als Groot-Rijnmond en Oost-Zuid-Holland juist dalingen rond 1,3–1,4% registreerden. Aantallen verkochte woningen per regio variëren; in Groot-Rijnmond werden bijvoorbeeld ruim 2.400 woningen verkocht.

De markt verzacht doordat de grootste gekte voorbij is: kopers hebben meer keus en meer tijd om beslissingen te nemen. Toch blijft er schaarste doordat de vraag gemiddeld groter is dan het aanbod. Dat blijkt ook uit het feit dat nog steeds ongeveer twee derde van de woningen boven de vraagprijs wordt verkocht, gemiddeld 3,7% erboven. Woningen staan wel langer te koop — gemiddeld 32 dagen — vooral huizen met een minder gunstig energielabel, in hogere prijsklassen of op minder gewilde locaties.

Bij nieuwbouw ontstaat volgens NVM 'krimpflatie': kopers krijgen minder vierkante meters voor hun geld. De gemiddelde koopsom voor nieuwbouw bleef met ongeveer 488.000 euro redelijk stabiel, maar belangstelling voor nieuwbouw neemt af vanwege de lange wachttijden, extra kosten tussen aankoop en sleutel en de verhouding prijs/kwaliteit. De prijs per vierkante meter is wel gestegen, onder andere omdat verkochte woningen gemiddeld kleiner worden. Kortom: de markt ontspant maar blijft krap, met variatie tussen regio’s en typen woningen.