Ketchup en siroop tegen CIDI-gebouw gegooid, voorwaardelijke boete voor vrouwen
In dit artikel:
Den Haag — Op 7 augustus vorig jaar bekogelden twee vrouwen het kantoor van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) in Den Haag met ketchup, meel en vermoedelijk limonadesiroop. De verdachten, Trees L. (67) en Muis L. (62), werden een maand later aangehouden en vervolgd door het Openbaar Ministerie voor discriminatie en aanzetten tot haat. Volgens het OM was de keuze voor juist dat pand symbolisch en zou de besmeuring, mede omdat ketchup op bloed leek en plaatsvond tijdens een Kamerdebat over het Midden-Oosten, Joodse gevoelens van onveiligheid oproepen.
Tijdens de behandeling ontkenden beide vrouwen niet dat zij de bekladding pleegden. Zij stelden echter dat hun actie politieke kritiek op Israël was en viel onder vrijheid van meningsuiting of het demonstratierecht, niet onder antisemitisme. De verdediging noemde ook dat sommige joodse organisaties hen hadden verteld dat kritiek op Israël niet per definitie antisemitisch is. CIDI-medewerkers zeiden daarentegen al vaker bedreigingen te ontvangen en voelden zich door de actie extra onveilig; het incident was gefilmd en op sociale media gedeeld, wat het volgens hen tot een geplande intimidatie maakte.
De politierechter oordeelde dat het besmeuren van een gebouw wel degelijk vernieling is en niet kan worden opgeëist als vorm van vrije meningsuiting. Tegelijk vond zij niet genoeg bewijs dat de daad was bedoeld om tot haat of discriminatie aan te zetten: de eis van het OM (taakstraffen van respectievelijk dertig en 45 uur, mede vanwege vermeende vernieling van een politiebus) werd niet gevolgd. Beide vrouwen werden vrijgesproken van het element van aanzetten tot haat; wel vond de rechter beschadiging van het CIDI-kantoor bewezen en legde een voorwaardelijke boete van 350 euro op aan elk.
De rechter benadrukte dat in een democratie meningsuiting moet kunnen bestaan zonder dat anderen in hun werk worden belemmerd of bang gemaakt. Zowel CIDI-bestuurder Ronnie Eisenmann als de verdachten lieten weten deels tevreden te zijn: CIDI omdat het gevoel van onveiligheid werd erkend, de verdachten omdat zij niet werden veroordeeld voor haatzaaien.
Achtergrond: CIDI is een Nederlandse organisatie die informatie over Israël verzorgt en vaak onderwerp is van fel debat. De zaak onderstreept de juridische grens tussen politieke protesten en strafbare vernieling, vooral wanneer acties een bepaalde bevolkingsgroep kunnen treffen.