Martin krijgt zijn huis op 'omstreden locatie' niet verkocht en verzint een list
In dit artikel:
In het centrum van Den Haag staat een atypische benedenwoning in de Rivierenbuurt die maar niet van de hand gaat: een huis met overdekt en verwarmd zwembad, een bar met twee biertaps, twee badkamers, garage en een ruime tuin, vlakbij station en snelweg. Eigenaar Martin Hertogs en zijn broers proberen het pand te verkopen sinds de woning van hun moeder (die recent overleed) op de markt kwam; de vraagprijs is recent met ongeveer drie ton verlaagd, maar kopers blijven uit.
Omdat het huis om de hoek van de Geleenstraat ligt — een straat met de bekende ramen van sekswerkers — schakelden de verkopers het communicatiebureau van Hans Ouwerkerk in. Dat bureau keerde het stigma van de buurt om en voerde een ludieke campagne: posters op deuren in de Geleenstraat en flyers in de buurt die voorbijgangers en buurtbewoners prikkelen om voor het huis te komen kijken. Het doel is niet per se om wélbewerkte klanten van de raamprostitutie als kopers te werven, maar vooral mensen die al in de omgeving wonen en op zoek zijn naar een groter huis.
Hertogs benadrukt dat het pand niet bestemd is om als bordeel te dienen of opgesplitst te worden in kamers — die bestemmingen passen niet bij die straat — en dat het geschikt is voor gezinnen (er zijn scholen in de buurt). Zelf wil hij er niet gaan wonen; hij en zijn broers hebben al een bordeel elders in de buurt overgenomen. Ouwerkerk blijft optimistisch over het resultaat van de opvallende marketing, wijst op het aantrekkelijke zwembad als verkoopargument en meldt dat het via Funda als een unieke woning wordt gepresenteerd. Mocht verkoop nog wat langer duren, dan wordt er in de sfeer van de campagne zelfs gegrapt over extraatjes voor kopers; in de kern blijft de inzet echter praktisch: de lokale markt aanspreken en het negatieve imago van de locatie omzetten in een troef.