Meningen verdeeld over 'tuintje' dat ineens weg moet, maar gemeente past beleid niet aan

woensdag, 13 mei 2026 (09:32) - Omroep West

In dit artikel:

In de Olofsbuurt in Delft ligt al negen jaar een groen kunstgraskleedje voor de voordeur van bewoner Claudia. In maart verscheen echter een team boa’s na een klacht van een buurtgenoot en werd haar verzocht het kleedje te verwijderen; uiteindelijk mocht het blijven liggen onder de voorwaarde dat het één stoeptegel terug werd geschoven. Buurtbewoners hadden geklaagd dat het kleedje te veel op een tuin leek en rommelig afstak tegen de rest van de straat.

De zaak trok politieke aandacht: PVV-fractievoorzitter Sylvia Grobben stelde schriftelijke vragen aan het stadsbestuur waarom handhavers werden ingezet voor wat zij een kleine overtreding noemde en verwees naar andere, ernstiger overlastproblemen die minder zichtbaar zouden worden aangepakt. Martine Venema, voorzitter van de wijkvereniging Olofsbuurt-Westerkwartier, stelde zich achter de kritiek op de zichtbaarheid van boa’s, terwijl andere buurtbewoners juist vinden dat het kleedje storend oogt of beter in de achtertuin thuis hoort.

Het college van burgemeester en wethouders legt uit dat de afdeling Toezicht en Handhaving (T&H) handelde na een binnengekomen klacht en dat handhaving plaatsvindt op basis van vastgestelde regelgeving en beleid. Het college deelt de zorg niet dat er selectief of te streng wordt gehandhaafd op kleine zaken; volgens de gemeente verschillen perceptions van ‘groot’ en ‘klein’ per persoon en is niet altijd zichtbaar wat er wordt ondernomen. Ook meldde de gemeente dat zij, waar nodig, optreedt tegen andere straatoverschrijdingen (zoals studenten die meubels op straat plaatsen) zonder op groepen te richten, maar dat exacte cijfers over zulke acties niet beschikbaar zijn.

Wel verstrekte het college cijfers over verkeershandhaving: bij gerichte controles op fatbikes werden het afgelopen jaar 87 boetes uitgeschreven en tientallen waarschuwingen gegeven. Het stadsbestuur zegt de inzet van handhavingscapaciteit kritisch te blijven afwegen om balans te vinden tussen noodzaak, beschikbare middelen en openbare veiligheid.