Paro wordt door buurman doodgeschoten, OM eist 30 jaar cel
In dit artikel:
In Rijswijk is op 20 september 2024 in de portiek van de Galjoenstraat de 38‑jarige Paro Ramlagan door haar bovenbuurman, de 58‑jarige Seyed A., neergeschoten en later aan haar verwondingen overleden. De man vuurde meerdere keren en volgens het proces‑verslag werden in totaal acht kogels afgevuurd; één kogel ging door de rugzak van het vierjarige zoontje van Paro maar raakte het kind niet. Het jongetje stond naast zijn moeder bij de portiekdeur en kon later in paniek om hulp roepen. Het Openbaar Ministerie eiste maandag in de Haagse rechtbank 30 jaar gevangenisstraf tegen Seyed A. en vroeg daarnaast na vrijlating een gedwongen gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (GVM).
Na het schieten liep de verdachte terug naar zijn flat op de derde verdieping, bedreigde vanaf het open raam een buurman die het kind probeerde te redden en vernielde later met een bijl de voordeur van een andere buurtbewoonster. Bij zijn aanhouding rook de politie alcohol; er werd een bloedproef afgenomen, maar dat monster raakte zoek waardoor niet meer vastgesteld kan worden hoeveel hij had gedronken. De verdachte zegt zelf dat hij een halve liter bier had gedronken.
Seyed A. wordt vervolgd voor moord op Paro Ramlagan, poging tot doodslag op haar zoontje en bedreiging van meerdere buren. Tijdens de zitting ontkende hij alle beschuldigingen en draaide hij de rol van slachtoffer om: volgens hem zou Paro hem anderhalf jaar lastiggevallen en zwartgemaakt hebben; hij noemde haar bovendien een "criminele asielzoeker". Buurgetuigen en vrienden van het slachtoffer tekenden echter een ander beeld: Paro had meerdere keren verteld dat haar bovenbuurman haar bedreigde omdat zij geen relatie met hem wilde, schreef een uitgebreide brief waarin zij haar angst uitte en gaf vijf dagen voor haar dood aan woningcorporatie en gemeente aan dat zij door de buurman was mishandeld.
De rechtbank kreeg ook te horen dat het Pieter Baan Centrum geen psychiatrische stoornis bij de verdachte kon vaststellen omdat hij niet meewerkte aan het onderzoek. De reclassering adviseert behandeling gericht op zijn geweldsdynamiek; zonder behandeling wordt hij gezien als een groot risico voor herhaling. In de zittingszaal toonde A. zich grotendeels onverschillig en gaf vrijwel geen spijt aan; het OM benadrukte dat hij ruim de tijd had om na te denken en doelbewust meerdere keren op het slachtoffer heeft geschoten.
Verschillende buren getuigen tegen A. en worden door hem in de rechtbank bestempeld als onbetrouwbaar, wat tot felle confrontaties leidde. De verdediging van de verdachte zou later die middag nog spreken. De zaak combineert elementen van langdurige burenruzies, eerdere meldingen van intimidatie en een afschuwelijke uitkomst waarbij ook een klein kind ernstig werd geraakt — zij het niet lichamelijk — door rondvliegende munitie.