'Scheveningse visserij moet wijken voor woningen', plan Partij voor de Dieren stuit op felle kritiek
In dit artikel:
In de Haagse gemeenteraad botst de Partij voor de Dieren (PvdD) met coalitiegenoten over de toekomst van de Scheveningse haven. Tijdens een commissiedebat trok PvdD-raadslid Leonie Gerritsen fel van leer tegen de commerciële visserij en stelde voor die geleidelijk af te bouwen zodat de vrijkomende ruimte kan worden gebruikt voor woningbouw. Zij noemt grootschalige visserij dieronvriendelijk en belastend voor het milieu.
Dat voorstel stuit op veel verzet. CDA-raadslid Hinke de Groot waarschuwt dat het afschaffen van de havenarbeid gezinnen hun inkomsten zou ontnemen en de lokale voedselvoorziening schaadt: "Zo kan je niet omgaan met de Scheveningse haven." Ook D66 wijst erop dat stadsbestuur meer is dan woningbouw alleen en dat de economie moet blijven draaien. Diverse partijen benadrukken bovendien dat Scheveningen vooruitloopt op het gebied van verduurzaming en innovatie binnen de visserijsector.
GroenLinks en PvdA tonen begrip voor de zorgen van de PvdD en willen meer nadruk op transitie naar een schonere haven, maar zien afbraak van de sector niet als directe noodzaak. PvdA’er Ab Waasdorp erkent dat de visserij minder dominante arbeidsmarkt biedt dan vroeger, zonder de activiteit volledig weg te willen hebben.
Wethouder Saskia Bruines houdt vast aan de huidige havenvisie: Scheveningen blijft een werkhaven en er komen geen woningen in de haven bij. Zij benadrukt dat regels rond de visserij vooral op nationaal en Europees niveau worden gemaakt en dat de gemeente bedrijven stimuleert die inzetten op schonere technologieën.
De discussie blijft voortkabbelen richting een formele uitspraak: de gemeenteraad besluit eind januari over de havenvisie. De kwestie legt spanningen bloot tussen natuur- en dierenwelzijnsargumenten, lokale economische belangen en de beperkte bevoegdheden van de gemeente in visserijkwesties.