Stekelig begin van rechtszaak, inhoud verschoven naar najaar
In dit artikel:
In een zitting bij de politierechter in Den Haag rondom de mishandelingzaak tegen “Semih” ontaardde de behandeling in een discussie over procedurele regels nog voordat de inhoud van de aantijgingen goed aan bod kwam. De verdediging had verzocht om verhoren van de slachtoffer “Roos” en haar zus, maar had dat verzoek per e-mail naar het Openbaar Ministerie gestuurd in plaats van rechtstreeks aan de rechtbank. De politierechter vond dat verdacht en vroeg om motivatie; de advocaat voelde zich daardoor aangesproken en reageerde geïrriteerd. Om de zitting zuiver te houden werden Roos en haar zus tijdelijk uit de zaal verwijderd terwijl de rechter de kwestie besprak. De officier van justitie gaf uiteindelijk toe het verzoek over het hoofd te hebben gezien en bood excuses aan, maar stelde dat de verhoren bij de rechter-commissaris moeten plaatsvinden, niet tijdens de zitting.
Inhoudelijk gaat het in de zaak om tegenstrijdige verklaringen: Roos zegt dat Semih haar mishandelde en maakte foto’s van verwondingen en blauwe plekken; Semih ontkent. De verdediging vroeg ook een medische deskundige te horen die op basis van foto’s zou moeten vaststellen of de verwondingen veroorzaakt zijn door een volwassene of door het paar's dochtertje met een beperking, omdat het kind soms onbedoeld hardhandig kan zijn. De officier van justitie en de rechtbank wezen dat verzoek af: op foto’s is volgens hen niet betrouwbaar te bepalen of verwondingen door een volwassene of een kind zijn toegebracht.
De rechter besloot tijdens de afwezigheid van de twee vrouwen dat zij wél gehoord moeten worden, maar dat zal gebeuren door de rechter-commissaris in het vooronderzoek; dat gebeurt niet dezelfde dag. Vanwege de planning van het OM werd een vervolgdatum voor de zaak eind september vastgesteld. De officier waarschuwde dat uitstel langer zou kunnen worden als eerst de getuigenverhoren moeten plaatsvinden.
Een praktisch twistpunt betrof het contactverbod dat Semih had tegenover Roos en de kinderen en dat die dag afliep. De slachtofferadvocaat vroeg aandacht voor continuering; de verdediging vond verlenging naar Roos acceptabel maar benadrukte dat zijn cliënt de kinderen weer wil zien. De rechter hield het contactverbod in stand tot de volgende zitting, met de aanvullende bepaling dat Semih de kinderen mag zien als Reclassering of Veilig Thuis daarvoor toestemming geeft. Semih zelf sprak tijdens de zitting nauwelijks en zei niets substantieels.
De zitting illustreert hoe formele regels over wie welke verzoeken waar moet indienen en hoe bewijs-deskundigheid wordt beoordeeld, het verloop van een zaak kunnen bepalen voordat de bewijslast inhoudelijk is behandeld. De in het artikel genoemde namen zijn gefingeerd; dit verslag maakt deel uit van de serie “Bij de Politierechter”.