Studentenhuis van prinses Beatrix te koop: '1000 antieke Delfts blauwe tegeltjes'
In dit artikel:
Aan het Rapenburg in Leiden staat sinds kort een opvallend koopaanbod: het voormalige studentenhuis van prinses Beatrix en prinses Margriet. Het koopkandidaat, Rapenburg 45, is in 2009 aangeschaft door Gert‑Jan van den Akker en zijn vrouw Mathilde als pied‑à‑terre. Het echtpaar liet het 17e‑eeuwse pand (bouwjaar circa 1660) grondig restaureren en moderniseren tijdens een verbouwing van ruim anderhalf jaar, met oog voor het historische karakter.
Het grachtenpand ligt tegenover het Rijksmuseum van Oudheden en vlakbij de Hortus Botanicus. Kenmerken: circa 345 m² woonoppervlak, zes slaapkamers, drie badkamers, dakterras en een stadstuin op het westen. De vermoedelijk veel oudere gewelfkelder wordt in de verkooptekst als ideaal voor wijnopslag genoemd. Vraagprijs: €2.750.000 k.k. (bijna €8.000 per m²; in Leiden ligt het gemiddelde rond €5.334/m²).
Makelaarskantoor en marktpositie
Makelaar Michiel de Jong, ruim twintig jaar actief in Leiden, benadrukt dat dit type pand zelden vrijkomt en een eigen marktdynamiek kent: zulke objecten verschijnen slechts enkele keren per jaar. Dat betekent ofwel een snelle verkoop aan een lang wachtende koper, of een traject dat langer dan een half jaar duurt — anders dan de gemiddelde verkooptijd in Leiden van ongeveer 26 dagen.
Waarom in de markt?
De Van den Akkers verkopen omdat hun kinderen inmiddels in Den Haag wonen en het echtpaar zelf naar die regio wil verhuizen. Ze hebben geen haast; ze zoeken bewust op de juiste koper en hebben al een appartement in Den Haag gevonden. Het leven van het paar speelt zich overigens grotendeels buiten Nederland af (voormalig verblijf in Zwitserland en nu Italië).
Historische verhalen en interieurschets
Het pand draagt koninklijke herinneringen: in de jaren na de Tweede Wereldoorlog woonden Beatrix en Margriet er tijdens hun studententijd, op de bovenverdiepingen, naast andere jonge vrouwen uit de hogere kringen. Janine Melai, die als meisje en jongere in het huis woonde, vertelt over een lange gang met precies duizend Delftsblauwe tegeltjes, een glazen deur met ooit een aanwezige rechercheur bij de ingang en persoonlijke herinneringen aan bijvoorbeeld piano‑gebruik en uitstapjes naar het strand met leden van het Koninklijk Huis. Ook is er een trompe l’oeil bij de entree met een lijst van bewoners; de huidige eigenaren overwegen hun namen daar aan toe te voegen.
Praktisch
Geïnteresseerden kunnen het pand op Funda bekijken. Of het historische gebouw opnieuw in koninklijke handen zal belanden, wordt formeel ontkend door de makelaar. Voor bezitters en liefhebbers van karaktervolle historische huizen blijft dit een zeldzame kans in het hart van Leiden.