Tuinder Frank kweekt vleesetende planten: 'Gelukkig bijten ze niet'

zaterdag, 21 maart 2026 (12:03) - Omroep West

In dit artikel:

Frank de Bakker uit Wateringen ruilde de familie‑tomatenteelt stap voor stap in voor potplanten en is inmiddels gespecialiseerd in vleesetende kamerplanten. Drie jaar geleden nam hij van een collega‑kweker uit Aalsmeer klanten en voorraad over; de oude kweker geeft nog wekelijks teeltadvies omdat de teeltmethodes sterk verschillen van groenteteelt. Op het bedrijf staat nu ongeveer 3.000 m² kas en er werken jaarrond acht personen.

Vleesetende planten vragen weinig mest en veel andere zorg: sommige soorten worden gevoerd met meelwormen, watergift is beperkt en browning scheutjes moeten handmatig worden verwijderd. De teeltomstandigheden zijn doorgaans rond de twintig graden, maar door zon op het glas kan het flink warmer worden. De planten worden vooral via de veiling aan tuincentrumketens verkocht, ook veel naar Engeland; in de winkel beginnen de prijzen rond de vijf euro. Frank zegt dat het geen doorslaggevende bedrijfstak is — hij combineert de vleesetende planten met andere kamerplanten zoals Medinilla en maakt ook plantenarrangementen voor retail onder het bedrijf Laguna.

De kweker onderscheidt drie groepen vangmechanismen: dionaea (venusvliegenvallen) die snel sluiten, drosera (zonnedauw) met kleverige tentakels en sarracenia (kokerplanten) met glibberige randen en binnenste haartjes. Klanten zijn vaak kinderen en mensen met muggenoverlast; het hoogseizoen loopt in juli en augustus. Frank verwacht geen hinder van trends als vegetarisme of een afname van insecten voor zijn verkoop.

Rond deze bijzondere planten bestaat een actieve liefhebberswereld. Werkgroep Carnivora, verbonden aan de Hortus Botanicus Leiden, telt ruim 160 betalende leden. Bestuurslid Felix Bokhorst — zelf verzamelaar met bijna duizend exemplaren thuis — legt uit dat liefhebbers zich bezighouden met alles van sociale evenementen tot technische teeltvragen en veredeling. In augustus organiseert de werkgroep in Leiden een internationale conferentie voor ongeveer 150 deelnemers met een plantenshow en markt waar men 10.000–15.000 bezoekers verwacht.

Kortom: in het Westland heeft een relatief klein, specialistisch segment binnen de sierteelt zich ontwikkeld dat zowel een nichemarkt bedient als een levendige hobbygemeenschap voedt. De planten zijn commercieel interessant voor tuincentra en consumenten die van de bijzondere vangmethodes en de praktische muggenbestrijding houden, maar vormen voor de kweker geen volledig zelfstandige bedrijfsbasis.