Van vliegveld naar woonwijk met 27.000 inwoners: eerste huizen op Ypenburg 30 jaar oud
In dit artikel:
Dit jaar is het dertig jaar geleden dat de eerste huizen werden gebouwd op Ypenburg, het voormalige vliegveld dat als vinex-locatie transformeerde tot de Haagse woonwijk Buitenplaats Ypenburg. Oorspronkelijk was het plan om op het voormalige vliegveld 12.000 woningen te realiseren; uiteindelijk werden het er ongeveer 10.000, goed voor zo’n 27.000 inwoners. Alleen de oude verkeerstoren en de ontvangsthal herinneren nog aan de luchthaventijd.
Het terrein kreeg zijn vliegveldfunctie in 1936 en groeide snel van civiele recreatieluchthaven uit tot een belangrijke militaire basis. Op 10 mei 1940 speelde Ypenburg een dramatische rol toen Duitse luchtlandingstroepen het vliegveld innamen in een poging de Nederlandse regering te grijpen; kort daarna heroverden Nederlandse troepen het terrein — een van de weinige successen in de eerste dagen van de oorlog. In april 1945 diende Ypenburg als uitvalsbasis voor geallieerde voedseldrops. Na de oorlog wisselde de functie: kort commercieel gebruik en clubactiviteiten in de jaren veertig, vanaf 1955 opnieuw als militaire basis tijdens de Koude Oorlog, waarna het belang geleidelijk afnam.
Begin jaren negentig leidde een veranderde strategische situatie tot bezuinigingen op Defensie en tot sluiting van de basis; de luchtmacht vertrok definitief op 20 september 1992. Met een nijpend woningtekort en het nationale VINEX-programma kreeg het terrein vanaf 1997 een woonbestemming. Stedenbouwkundige Frits Palmboom verwerkte de oorspronkelijke landingsbanen en contouren van het vliegveld in het masterplan: brede lanen, waterpartijen, verschillen in woonmilieu en veel groen. In 2002 werden Ypenburg en Leidschenveen officieel onderdeel van Den Haag, als stadsdeel Leidschenveen-Ypenburg. De transformatie van militaire luchthaven naar woonwijk is daarmee een voorbeeld van grootschalige herbestemming in Nederland.