Voormalig familierechercheur over rouw na misdrijf: 'Die rouw is veel heftiger'
In dit artikel:
Marije Janmaat uit Benthuizen, voormalig familierechercheur en toegepast psycholoog gespecialiseerd in rouw na misdrijf, publiceert een boek om nabestaanden en hun omgeving praktisch te ondersteunen. Janmaat werkte vijftien jaar voor de politie als schakel tussen slachtoffers’ families en het rechercheteam; zij begeleidde onder meer nabestaanden van moordslachtoffers en slachtoffers van de MH17. Het boek bevat geanonimiseerde praktijkvoorbeelden en praktische handreikingen waarmee zij een tekort wil aanvullen: er is veel aandacht voor het juridische traject, maar weinig voor wat nabestaanden echt nodig hebben en hoe de omgeving daar sensitief bij kan aansluiten.
Volgens Janmaat verschilt rouw na een misdrijf wezenlijk van ‘normale’ rouw. De gebeurtenis is abrupt, zet bestaande waarden en vertrouwen in de samenleving op losse schroeven en kan onverwachte feiten over de overledene aan het licht brengen. Bovendien brengt publieke en media-aandacht de overledene soms in het nationale debat, waardoor nabestaanden opnieuw beschadigd kunnen raken — een proces dat zij aanduidt als secundaire victimisatie. Dat kan ook ontstaan door langlopende onderzoeken, fouten van instanties, verloren spullen of het gevoel niet gehoord te worden.
De gevolgen van een misdrijfverlies strekken verder dan emotie alleen: gezinnen kunnen uit elkaar vallen, mensen verliezen hun baan of moeten hun huis verkopen. Janmaat benadrukt dat de directe omgeving — van huisarts tot collega en buur — vaak onvoldoende toegerust is om steun te bieden. Haar centrale advies is: sluit aan bij de nabestaanden, word geen redder, maar laat hen leidend zijn en geef ruimte om zelf dingen weer op te pakken. Mensen hebben behoefte aan betrokkenheid en aan het gevoel competent te kunnen handelen; praktische kennis vergroot het vermogen om goed te ondersteunen.
In haar uitleg schetst Janmaat ook de rol van familierechercheurs: zij werken altijd in tweetallen en informeren families over wat er is gebeurd, waar het lichaam is, terugvinding van goederen en de overdracht naar het Openbaar Ministerie. Nabestaanden krijgen bovendien een casemanager van Slachtofferhulp die langer blijft betrokken dan de politie. Janmaat stopte vier jaar geleden, maar de impact van situaties — met name ouders die afscheid moeten nemen van een kind — blijft haar bij.
Het boek besteedt speciale aandacht aan vermissingen en de ambiguïteit van het niet-weten (geen lichaam, geen afsluiting), en aan schuldgevoelens bij nabestaanden van mensen die in het criminele circuit raakten; Janmaat benadrukt het verschil tussen voelen en daadwerkelijk schuldig zijn. Ze wil ook normaliseren dat hulp vragen geen schande is en toont bewondering voor de veerkracht die veel mensen uiteindelijk vinden: “het wordt nooit meer hoogglans, maar zijdeglans is ook oké,” citeert ze een cliënt.
Het boek Rouw en herstel na verlies door een misdrijf wordt op vrijdag 27 februari gepresenteerd in Cultuurhuys De Kroon in Waddinxveen.