Zure uitslag en verzakkingen: oudste orgel van Nederland krijgt opknapbeurt voor 400.000 euro
In dit artikel:
In de Pieterskerk in Leiden krijgt het beroemde Van Hagebeer-orgel een ingrijpende restauratie: met een 26 meter hoge steiger worden de ruim 3.355 orgelpijpen één voor één horizontaal naar beneden gehesen om te worden nagekeken en gerepareerd. Conservator Ward Hoskens wijst erop dat sommige pijpen uitzonderlijk oud zijn — de honderd oudste stammen volgens hem uit 1446 en moesten ooit uit puin worden geborgen na de toreninstorting van 1512.
De onderhoudsbeurt van dit monumentale instrument uit 1643 kost 400.000 euro; directeur Sebastiaan Lagendaal vertelt dat het jaren van fondsenwerving, subsidies en sponsoring vergde om het bedrag bij elkaar te krijgen. Dergelijke grootschalige restauraties zijn om de 25–30 jaar nodig, doordat loodcorrosie (een reactie tussen de loodpijpen en het eikenhouten orgelwerk) en het eigen gewicht van de metershoge buizen vervorming en lekkage veroorzaken.
Het orgel is bijzonder zeldzaam: Nederland telt slechts drie vergelijkbare Van Hagebeer‑instrumenten (onder andere in Alkmaar en de Nieuwe Kerk in Amsterdam). Hoskens benadrukt de unieke zeventiende‑eeuwse middentoonstemming die de karakteristieke klankkleur oplevert en internationale organisten aantrekt (middentoonstemming wijkt af van de moderne gelijkzwevende stemming en geeft een historisch kleurenpalet).
Als alles volgens planning verloopt is de kast na de zomer weer gevuld; daarna volgt een intensieve ronde stemmen en intoneren. Eind november moet het instrument volledig operationeel zijn, waarna Leiden volgens Lagendaal weer ongeveer dertig jaar gevrijwaard is van dit soort grote uitgaven.
Vandaag Inside Oranje: Van Hecke over jeugdclubs die geld verdienen aan transfer: 'Arnemuiden schiet helaas net te kort'